Werkbezoek CDA kamerlid Peter Oskam aan SMHR

Peter Oskam, CDA kamerlid op werkbezoek bij Stichting Mentorschap Haag en Rijn.(SMHR).

De politiek is geïnteresseerd in de werkzaamheden van de Regionale Stichting Mentorschappen! Dat blijkt tijdens het werkbezoek dat Peter Oskam op 14 augustus bracht aan een psychiatrisch verpleeghuis van de ParnassiaGroep, waar 5 mentoren van SMHR werkzaam zijn. Peter wilde uit praktijk horen wat mentoren doen en welke betekenis dit heeft voor cliënten waar zij de wettelijke vertegenwoordiger van zijn.

Mentorschap in de praktijk

Jos Burgwal en Geert Kleijberg zijn beiden werkzaam als mentor bij SMHR en nemen Peter met enthousiasme en enorme betrokkenheid mee in het leven van Piet, Cor en Joop. Voor politieman Geert Kleijberg, is er met het mentorschap een nieuwe wereld open gegaan, de wereld van de psychiatrie. Piet, voor wie hij als mentor optreedt, is een man met schizofrenie, die wel eens agressief kon zijn. Een mentor met een politie achtergrond bleek een goede match. Geert is in staat gebleken een relatie met Piet op te bouwen, van agressie heeft hij nog niets waar kunnen nemen. Die relatie heeft ervoor gezorgd dat Piet er graag netjes uit wil zien (geschoren en schone kleding aan) wanneer Geert op bezoek komt. In Geert heeft Piet een medemens ontdekt die belangeloos interesse in hem heeft. Hij wordt ‘gezien’ en dat doet iets met zijn waardigheid. Ze gaan samen een harinkje happen in Scheveningen of naar de kinderboerderij omdat Piet idolaat is van dieren. Beiden hebben ze plezier in het contact. Dat ziet ook de persoonlijk begeleidster van Piet met wie Geert regelmatig overleg heeft over de zorg. Geert is betrokken bij Piet en wil hem om die reden ook eens mee nemen naar zijn eigen huis. Voor Jos Burgwal (gepensioneerd en o.a. voormalig hoofd van de beleids-juridische afdeling van de dienst maatschappelijk zorg bij een gemeente) zijn de afgelopen twee jaar als mentor pittig geweest. Hij heeft twee cliënten waar hij mentor van is Cor en Joop. Voor beide heren heeft hij zijn waarde als mentor bewezen. Cor, een einzelgänger die het contact met anderen mijdt, woont bijna 24 uur per dag op zijn kamer, eet er ook en is verslaafd aan sigaretten. Vanwege nieuwe regels zou het roken op zijn kamer verboden worden, maar Cor verbieden op zijn kamer te roken, zou in zijn geval levens ontwrichtend zijn. Jos heeft het belang van Cor gediend door betrokken beleidsmakers, leidinggevenden en behandelaars te laten inzien dat het verbod voor Cor tot grote problemen zal leiden. Uiteindelijk is de kamer van Cor opnieuw ingericht met brandvrije materialen waardoor de veiligheid zoveel als mogelijk is gewaarborgd. Zijn andere cliënt Joop ziet Jos als zijn “advocaat”. Joop heeft Multiple Sclerose. Hij accepteert zijn ziekte niet, ziet zichzelf als slachtoffer van zijn hele situatie en geeft de ander, waaronder het personeel, de schuld van al zijn ellende. Joop brengt 24 uur per dag in zijn rolstoel door. Hij slaapt in de stoel, hij durft niet op bed te liggen uit angst dat hij er niet meer uit komt. De verzorging van Joop gaat heel moeizaam, hij weigert vaak mee te werken, waardoor vreselijke wonden aan zijn benen zijn ontstaan, met het risico op amputatie als gevolg. Met veel geduld (en soms met de moed der wanhoop), is het Jos uiteindelijk gelukt om het vertrouwen van Joop deels te winnen. Daardoor is Joop nu onder behandeling in het Leids Universitair Medisch Centrum. Jos heeft van zijn bevoegdheid als mentor stevig gebruik moeten maken, en alle wegen bewandeld, om het belang van Joop centraal te blijven stellen boven het belang van de organisatie. Inmiddels is de kwaliteit van leven voor Joop zodanig verbeterd dat hij mogelijk weer zou kunnen gaan lopen. Het personeel van de instelling is blij met de resultaten die voor Joop bereikt zijn. Jos krijgt hier waardering voor.

Algemeen:

Meer algemeen werd geconcludeerd dat het samenspel tussen mentoren en de vertegenwoordigers van de instelling (zoals persoonlijk begeleiders) van groot belang is • Ondersteuning door SMHR, intervisie en de kennis die mentoren meekrijgen (bijvoorbeeld op de Dag van de Mentor) dragen ertoe bij dat mentoren in staat zijn om goed hun werk te kunnen doen. • Een andere waarneming is dat de frequentie van de bezoeken die mentoren afleggen essentieel is. Met de toename van burgers die in het kader van de WMO langer thuis blijven wonen groeit het besef dat de noodzaak ontstaat om meer mentoren in te zetten met een intensievere bezoekfrequentie aan hun cliënt.

Tenslotte:

Dat het CDA deze vorm van betrokkenheid bij mensen hoog in het vaandel heeft staan, werd bevestigd door het werkbezoek en de vragen die Peter stelde. Peter geeft aan door zijn bezoek goed inzicht te hebben gekregen in wat het mentorschap inhoudt en wat het belang is van een Regionale Stichting Mentorschap, namelijk zorg dragen voor een goede match en mentoren met raad bijstaan. Het werkbezoek werd afgesloten met een bezoekje aan Piet, Geert’s zijn cliënt. Met een glimlach op de gezichten werden handen geschud waarna Piet weer zijn kamer in ging en Peter weer op weg ging naar zijn volgende afspraak.