Beslissen voor iemand die dat zelf niet meer kan

Mevrouw K. (92) woont in een verpleeghuis. Ze is dementerend, maar nog redelijk sociaal actief. Bij ingewikkelde zaken haakt ze echter af. Hanneke Cornelissen waakt als mentor over de persoonlijke belangen van mevrouw K. Als het nodig is zal zij, in overleg met betrokkenen, beslissingen over de benodigde zorg nemen. Omdat mevrouw K. dat zelf niet meer kan.

Hanneke: ‘Ik wil graag iets terug doen voor mensen die het moeilijk hebben. Ik weet hoe schrijnend de eenzaamheid van mensen op late leeftijd kan zijn. Ze dreigen iedere vorm van persoonlijk contact te verliezen.

Wie weet moet ik straks beslissingen nemen over een ziekenhuisopname of sondevoeding. Dat zijn ingrijpende dingen en daarom werk ik nu bewust aan het persoonlijke contact, ga regelmatig een praatje maken.

Mentor Hanneke Cornelissen: ‘Ik realiseer me goed dat het mentorschap niet vrijblijvend is; deze vorm van vrijwilligerswerk gaat dieper dan andere vormen. Maar dat is nu net wat mij er in aantrekt.’

 

Bewaker van het geluk van Trix

Schouderklopjes krijgt hij niet en op een liefdevol ‘dankjewel’ hoeft mentor Rinse Lammerts uit Heerhugowaard evenmin te rekenen. “Trix communiceert alleen met lichaamstaal.’’ Rinse is de bewaker van het geluk van Trix. “Een enorme uitdaging, maar ook erg dankbaar.”

Trix heeft een dubbele beperking. Naast haar verstandelijke beperking waardoor ze niet kan praten, heeft ze een lichamelijke beperking. Ze is de meeste tijd tot een rolstoel veroordeeld en ’praat’ vooral met haar lijf. “,Alleen als het echt te gek wordt, gaat ze hard schreeuwen. Dat heeft ze de laatste tijd niet meer gedaan. Voor ons een teken dat het goed gaat met Trix.’’

Een mentor is een vrijwilliger, maar wel met veel verantwoordelijkheid. “Ze is net verhuisd naar een nieuwe zorginstelling. Ik zit er bovenop, want het is mijn taak te bewaken dat het Trix aan niets ontbreekt. Tenslotte zit ze daar door mijn handtekening. Ik teken uit haar naam de zorgplannen. Het is nuttig en leuk tegelijk, af en toe halen we samen lekker een bak koffie.’’

Mentor Rinse Lammerts van Stichting Mentorschap Noordwest-Holland:  “Trix is net verhuisd naar een nieuwe zorginstelling. Het is mijn taak te bewaken dat het haar aan niets ontbreekt. Tenslotte zit ze daar door mijn handtekening. Je bent vrijwilliger maar wel met veel verantwoordelijkheid. Het is nuttig werk en leuk tegelijk, af en toe halen we samen lekker een bak koffie.’’

Het zijn de kleine dingen die het doen

Toen Frans Schepman met pensioen ging besloot hij met mensen bezig te blijven, liever dan met de spreekwoordelijke geraniums. Als vrijwilliger natuurlijk: “Ik geloof nu eenmaal in de solidaire samenleving.”

Nadat zijn eigen moeder na een TIA in een verpleeghuis kwam, zag Frans haar in de versukkeling raken. “Maar omdat wij een groot gezin hebben, was er in ieder geval heel vaak iemand bij haar. Veel andere mensen daar hadden dat niet. Ik zag hoe heerlijk ze het vonden als je eens een praatje met ze maakte.”

“Mijnheer Borsboom (78) is een lieve, zachte man, die nooit bezoek krijgt. Hij is nog behoorlijk mobiel, maar doet eigenlijk bijna niets. Door zijn afasie is het heel moeilijk om contact te krijgen. Ik probeer al vragende zijn geheugen wat aan te spreken. Ik vraag over motoren waar hij vroeger veel mee had. Dan heeft hij alleen hele lange jaaaaa’s… Maar in zijn gezicht zie ik soms toch een glimp van waardering.” Het zijn die kleine dingen die het ‘m doen: “Zag je dat hij mij net herkende? Prachtig toch.”

Frans ziet er naar uit om, na de benoeming door de kanonrechter, ook deel kunnen nemen aan het officiële afdelingsoverleg. “Ik denk dat ik dan nog meer over mijnheer Borsboom te weten ga komen. Ga ik zeker naar vragen. Ik wil ook weten hoe ik beter om kan gaan met zijn afasie. Verder kom ik dat overleg ook weer niet binnenstappen met de houding van ‘ik weet het wel’. Er werken hier allemaal professionals. Ik ga ervan uit dat zij de goede beslissingen nemen. Maar als het moet ben ik er wél voor mijnheer Borsboom.”

Mentor Frans Schepman:
“Door zijn afasie is het heel moeilijk om contact te krijgen. Als ik iets vraag heeft hij meestal alleen hele lange jaaaaa’s… Maar in zijn gezicht zie ik soms toch een glimp van waardering. Prachtig toch?”

Haarlemmerolie voor Johan

Karel Puister is de Haarlemmerolie tussen Johan – die op zijn 43e een hersenbeschadiging opliep ­– en de zorginstellingen. “Zonder mentor was hij afgegleden naar de kelder van onze maatschappij.’’

“Ik zit in de vut en zocht een zinvolle besteding van mijn vrije tijd. Het mentorschap past wel bij mij. Zeker met een kleurrijke man als Johan.” De hersenbeschadiging van Johan zorgt ervoor dat hij totaal geen structuur meer heeft. “Johan kan alles zelf. Schoonmaken, boodschappen doen, strijken. Alleen heeft hij wel iemand nodig die dat elke dag even tegen hem zegt.’’
Karel probeert Johan in een begeleid wonen project te krijgen. “Er waren mensen die gebruik van hem maakten. Zo’n verhuizing zal zijn leefsituatie enorm verbeteren. Dan komt het met Johan gewoon helemaal goed. Mijn drijfveer? Het is prachtig dat je als mentor iemand zo kan helpen.’’

Mentor Karel Puister van Stichting Mentorschap Noordwest-Holland:
“Ik zocht als vutter een zinvolle besteding voor mijn vrije tijd. Het mentorschap past wel bij mij. Het is een uitdaging om iemand te begeleiden die moeilijk voor zichzelf kan op komen. Mijn drijfveer? Het is prachtig als je iemand zo kan helpen.’’

Mooie meid met mentor

Op het eerste gezicht lijkt Talissa haar levenspad moeiteloos alleen te kunnen lopen. Alleen, schijn bedriegt. Vanwege een lichte verstandelijke beperking neemt Talissa moeilijk beslissingen. Gelukkig heeft ze mentor Daniëlle Mekken.

Daniëlle zorgt, als mentor, dat de achttienjarige Talissa geen misstappen maakt in haar leven. Zij houdt in de gaten of Talissa wel de zorg krijgt die ze nodig heeft. ”Als je haar spreekt, heb je niet het idee dat ze een beperking heeft. Dat is haar valkuil. Samen nemen we nu de juiste beslissingen voor haar.”
In de toekomst wil Talissa, die in een kledingzaak werkt, zelfstandig wonen. Een grote stap waarin Daniëlle een belangrijke rol speelt. “Dat gaat haar lukken, maar ook dán heeft ze zorg op reguliere basis nodig. Mijn taak is om er voor te zorgen dat ze die ook echt krijgt. Ik hou daarom nauw contact met de zorgaanbieder. Het doet me goed dat het met haar steeds beter gaat.”

Mentor Daniëlle Mekken:
“Talissa is een hartstikke leuke en mooie meid. Als je haar spreekt, heb je niet het idee dat ze een lichte verstandelijke beperking heeft. Dat is haar valkuil. Ze heeft extra zorg nodig. Samen nemen we nu de juiste beslissingen voor haar. Het doet me goed dat het met haar steeds beter gaat.”