In gesprek met mentor Arwin – al 5 jaar een vast gezicht voor B.
Toen Arwin vijf jaar geleden met pensioen ging, stond hij niet stil. “Ik hoorde van een goede vriend over het mentorschap,” vertelt hij. “Ik heb me erin verdiept en me vervolgens aangemeld bij Mentorschap Haag en Rijn. Ik heb altijd met mensen gewerkt – in de jeugdhulpverlening en het hoger onderwijs – en ik wilde als gepensioneerde iets met en voor mensen blijven doen.”
Een bijzondere band
Sindsdien is Arwin mentor van B., een ernstig verstandelijk beperkte man van inmiddels 82 jaar. B. woont al sinds zijn zesde in instellingen, heeft geen contact met familie en kan slechts enkele woorden spreken. Toch begrijpen de twee elkaar goed. “Hij begrijpt je in grote lijnen,” legt Arwin uit. “En hij heeft veel interesses waar ik zelf ook blij van word: buiten zijn, fietsen, wandelen en zingen.”
Via de bewindvoerder regelde Arwin een rolstoelfiets. “Vrijwel elke week – weer of geen weer – fietsen we door de duinen van het Westland. Onderweg geeft B. met zijn hand aan waar hij naartoe wil en zingen we samen kinderliedjes, die hij allemaal kan mee neuriën. Regent het te hard, dan rijden we in mijn auto met een cd vol meezingliedjes. Hij geniet zichtbaar.”
Meer dan mentorschap
Arwin is een vaste waarde in B.’s leven én voor de groepsleiding. “Ik vind betrouwbaarheid belangrijk, niet alleen voor hem, maar ook voor de begeleiding. Ik kom elke week en onderhoud goed contact met het team.” Naast het fietsen en zingen is Arwin aanwezig bij groepsuitjes, de Sinterklaasviering, de kerstmarkt en denkt hij mee over de inrichting van B.’s kamer. Ook neemt hij deel aan het multidisciplinair overleg en beslist hij als wettelijke vertegenwoordiger over zaken als vaccinaties.
Daarnaast is Arwin ook antennepersoon bij ’s Heeren Loo voor de groep waar B. woont. “In die rol signaleer ik zaken die ik bespreek met de groepsleiding en de manager zorg. Dat staat los van mijn werk als mentor, maar het geeft me extra zicht op wat er speelt.”
Wat maakt een goede mentor?
Voor Arwin draait het mentorschap om één kernvraag: Wat is het belang van mijn cliënt? “Je moet goed contact maken met je cliënt én samenwerken met de groepsleiding. Het is belangrijk dat je jouw eigen kijk op zaken kunt scheiden van wat je cliënt wil en nodig heeft.”
Toen hij net begon, vond Arwin het een uitdaging om B.’s geluiden en gebaren goed te begrijpen. “Hij lijkt altijd haast te hebben, ook tijdens het eten, waardoor hij zich kan verslikken. Ik vond samen eten spannend, maar de groepsleiding heeft me geleerd hoe ik daarmee om kan gaan.”
Wat hij van B. heeft geleerd? “Om hem te begrijpen, moet ik me volledig op hem richten. Dat heeft me geleerd om écht te focussen.”
Advies voor nieuwe mentoren
“Leer je cliënt eerst goed kennen, en laat hem of haar jou leren kennen. Neem daar de tijd voor, voordat je van betekenis wil zijn.”
Blik op de toekomst
Arwin ziet de rol van mentoren belangrijker worden in een tijd van schaalvergroting en afnemende middelen. “De menselijke maat mag niet verloren gaan. Als mentor moet je daar steeds aandacht voor blijven vragen.”




